Een kast vol apparatuur voor belevenis-onderwijs

, door Marjolein te Winkel
foto: Henk Veenstra

De twee kasten in een achterafhokje, aan het eind van een doodlopend gangetje in het onderwijsgebouw op het UMCG-terrein, doen in niets denken aan een daadwerkelijk laboratorium. Heel gewone kasten zijn het, manshoog, armbreed, met deuren van donkergrijs metaal. Maar gaan de deuren van het slot, dan opent zich het Skills Lab: een verzameling apparatuur waarmee studenten bewegingswetenschappen leren onderzoek te doen.

“Het Skills Lab leert studenten om te gaan met technische mogelijkheden”, vertelt Van Keeken. “Een voorbeeld: als je voor je onderzoek gebruik maakt van een camera en je wilt daarmee afstanden meten, moet je zorgen dat je hoeken recht zijn. Daarvoor gebruikten we deze”, zegt Van Keeken terwijl hij een schaakbord uit de kast pakt – vol perfecte rechte hoeken.

De kasten zijn een soort bibliotheek, waar tweedejaars studenten in plaats van boeken, apparatuur kunnen lenen waarmee ze opdrachten kunnen doen. Vorig jaar testten derdejaars studenten de mogelijkheden van het lab. Ze kregen een datalogger – een apparaatje vol sensoren ter grootte van een usb-stick – en een algemene opdracht: bedenk zelf een bewegingswetenschappelijk project waarvoor de datalogger te gebruiken is.

Schoonspringen  

Dat resulteerde onder meer in een poging om de  jurysport schoonspringen objectief te beoordelen. Van Keeken: “Een jurysport is subjectief, maar de techniek van een sprong kan deels objectief worden beoordeeld, bijvoorbeeld door hoeken te meten, en de impact op het water. Zo’n cijfer kan een objectieve ondersteuning zijn van een juryoordeel.”

“Niet stilzitten en luisteren, maar zelf aan de slag gaan met apparatuur.”

Nee, Van Keeken ziet dat nog niet ingevoerd op de Olympische Spelen van 2020 in Tokio. “Voor de studenten is het belangrijk om te leren wat de mogelijkheden van apparatuur zijn, en om die toe te passen op een wetenschappelijke manier.

“De resultaten van het onderzoek zijn ondergeschikt aan de academische methode en de praktische toepassing ervan.”

Lopen met een zware rugzak 

Vergelijk het met het maken van een EMG,  een onderzoek waarbij spieractiviteit wordt gemeten, legt Van Keeken uit: “Voor de uitslag maakt het uit waar je de elektronen plaatst en hoe de huid wordt geprepareerd. Dat geldt ook voor onderzoek met sensoren en andere meetapparatuur. Wil je bijvoorbeeld kunnen meten wat de impact van een zware rugzak is op het lopen, dan moet je eerst kunnen registreren hóé iemand loopt. Pas als je de methode weet en onder de knie hebt, kun je die toepassen en kun je meten hoe iemand loopt zonder én met een rugzak, en kun je gaan vergelijken.”

Zo ontwikkelen studenten op een praktische manier hun academische vaardigheden. Belevenis-onderwijs, noemt Van Keeken het. “Niet stilzitten en luisteren, zoals bij een hoorcollege, maar zelf aan de slag gaan met apparatuur, dat leren onze studenten.”

Bewustheid kweken

Ook tijdens de eerste ability battle hackathon, die afgelopen december in het UMCG plaatsvond, gingen studenten zelf aan de slag. Zes teams van verschillende Nederlandse, Duitse en Belgische universiteiten, waaronder het team met studenten van Van Keeken, namen het tegen elkaar op. De opdracht: diabetespatiënten hebben vaak last van oogproblemen, een frozen shoulder of moeten een deel van hun voet of been missen. Hoe het is om daarmee te leven?

Van Keeken: “Waar we het Skills Lab hebben om de studenten te leren meten, is de ability battle er om bewustheid te kweken. En we gebruiken de hackathon voor het ontwikkelen van ons onderwijs: we zien waar behoefte aan is en we kunnen nagaan op welk niveau van kennis en vaardigheden de studenten zitten. Delen van de opdracht en van de ideeën die de studenten tijdens de hackathon ontwikkelen, passen we vervolgens in in het onderwijs aan onze studenten. Overigens werd de hackathon georganiseerd door een groep studenten van Bewegingswetenschappen – ook dat is een vorm van belevenisonderwijs.”

Hacking health

Met de ability battle borduurt Van Keeken voort op een initiatief uit 2016: hacking health, waarbij een team van onderzoekers en zorgverleners samen met een patiënt in één weekend een creatieve oplossing zocht voor een patiëntenvraag. De vraag voor het team van Van Keeken was: kunnen jullie iets maken waardoor gezonde kunnen ervaren hoe het is om ziek te zijn.

“We kwamen zo op het idee om een app te maken waarbij de patiënt challenges verzint die gezonde vrienden en familieleden kunnen uitvoeren, bijvoorbeeld al ademend door een rietje de trap op lopen om een slechte conditie of adem tekort te ervaren, of je veters te strikken met één hand om een handblessure te ervaren. Want door het zélf te ervaren, begrijp je de consequentie van een beperking en de frustraties die daarbij komen kijken veel beter dan wanneer iemand alleen uitlegt hoe het is.”

Die ervaring is ook voor de studenten van belang. “We leiden onze studenten op tot bewegingswetenschappers in de ruimste zin. Wetenschappers die alles over het menselijk bewegen weten en niet alleen onderzoek doen naar (top)-sporters, maar ook onder de bewegingsbeperkingen als gevolg van veroudering of als gevolg van  een ziekte of handicap. Wil je deze mensen echt kunnen helpen, dan moet je ook weten waarmee, met welke toepassingen, patiënten echt geholpen zijn. Dat leer je door te ervaren.”

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.