Hersenen verleren het kijken niet

, door Nicolien Wieringa
foto: Shutterstock

Als het netvlies veroudert en iemand slechtziend wordt, heeft dat nauwelijks invloed op het deel van de hersenen dat de signalen van het netvlies verwerkt. Dat concludeert UMCG-onderzoeker Koen Haak. Goed nieuws, want er wordt hard gewerkt aan technieken om de functie van het netvlies te herstellen. En dan wil je natuurlijk niet dat de hersenen inmiddels ‘verleerd’ zijn om te kijken.

Onze hersenen zijn in staat om zich aan allerlei veranderende omstandigheden aan te passen. UMCG-promovendus Koen Haak wilde weten in hoeverre hersenen zich aanpassen als iemand maculadegenratie heeft, een veelvoorkomende vorm van slijtage van het netvlies. Er wordt namelijk hard gewerkt aan de ontwikkeling van technieken om de functie van het versleten netvlies te herstellen. “Om de toepassing van die nieuwe technieken goed te kunnen benutten, moet je weten wat er in de hersenen gebeurt bij maculadegeneratie.”

Leeftijdsgebonden maculadegeneratie (MD) begint meestal boven de 50 jaar en is de belangrijkste oorzaak van slechtziendheid bij mensen ouder dan 65. Naar schatting 2,3 procent van de ouderen heeft hier last van. “Bij MD ontstaan beschadigingen in het middelste deel van het netvlies. Daardoor valt het gezichtsveld in het centrum weg”, legt Haak uit. “Dat is eigenlijk het belangrijkste deel van wat je ziet. Aan de rand van het gezichtsveld kunnen mensen nog wel zien.”

​Zwarte vlek

Voor zijn onderzoek bracht Haak mensen met en zonder MD in een vergelijkbare situatie en registreerde vervolgens de reacties van de hersenen. In een proefopstelling in het Laboratorium voor Experimentele Oogheelkunde en het BCN Neuroimaging Centrum van het UMCG, liet Haak gezonde mensen in het midden van hun gezichtsveld een zwarte vlek zien, net als bij met mensen met MD. Aan de rand van het gezichtveld kregen mensen met en zonder MD ringen te zien die stapsgewijs groter werden.

Haak was verrast dat de hersenen van beide groepen mensen in de proefopstelling op dezelfde manier reageren. “Veranderingen in de hersenen als gevolg van echte of nagebootste blindheid in het midden van het gezichtsveld vonden we in beide groepen mensen. Dit betekent dat de hersenen van mensen met MD zich niet aanpassen aan de nieuwe situatie als ze geen signalen meer krijgen uit bepaalde delen van het netvlies”, duidt Haak. “De ziekte MD was bij de deelnemers aan ons onderzoek minstens een jaar eerder gesteld. Hun hersenen hadden dus zeker de tijd gehad om zich aan te passen.”

​​Goed nieuws

Dat de hersenen zich niet aanpassen, is goed nieuws voor mensen met MD, meent hij. “Op dit moment wordt gewerkt aan nieuwe technieken om de functie van het netvlies te herstellen. Dan moet je denken aan implanteerbare chips of behandeling met stamcellen. Dat staat allemaal nog in de kinderschoenen en het duurt nog vele jaren voordat patiënten daarmee behandeld kunnen worden. Maar als het zover is, dan weten we dat de hersenen het niet verleerd hebben om te reageren op signalen van het netvlies.”

In zijn onderzoek bestudeerde Haak ook de hersenactiviteit van een patiënt met maar één hersenhelft. De linker hersenhelft, die bij deze patiënt ontbreekt, is normaalgesproken verantwoordelijk voor de ontwikkeling van taalvaardigheden en bijvoorbeeld het aansturen van de rechterkant van het lichaam. De hersenen van deze persoon hadden zich zo aangepast, dat deze functies goed ontwikkeld waren. “Het bestuderen van deze patiënt maakte duidelijk hoeveel mogelijkheden de hersenen hebben om zich aan te passen”, vertelt Haak.

​​Addertje

“Het interessante was, dat we geen aanpassingen vonden in het deel van de hersenen waar informatie van wat we zien als eerste terecht komt.” Volgens Haak bevestigde deze patiënt waarnemingen uit andere studies, namelijk dat het hersengebied waar de informatie van het netvlies terecht komt, heel stabiel is en weinig geneigd zich aan te passen aan veranderende omstandigheden zoals bij MD.

Toch zit er nog een addertje onder het gras, zegt Haak. “In mijn onderzoek vonden we dat het gebied waar signalen uit het netvlies als eerste binnenkomen stabiel is. Maar, zo weten we uit ander onderzoek, dat geldt minder voor de gebieden waar informatie vervolgens verwerkt wordt.” Die hersengebieden sterven wel langzaam af. Dus wanneer de technieken ontwikkeld zijn om de functie van het netvlies te herstellen, moet men niet te lang wachten met de toepassing ervan. 

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.