Hoe hoor je met een cochleair implantaat?

, door Margriet Bos
foto: Henk Veenstra

Eigenlijk is een cochleair implantaat (CI) als een olifant in de porseleinkast. Het apparaat gaat tienduizend zenuwvezels tegelijk te lijf met zo’n 22 elektroden, om iemand die slecht hoort beter te laten horen. “We kunnen met de elektroden niet exact de juiste zenuwvezels bereiken om het geluid netjes over te zetten”, zegt klinisch fysicus/audioloog Bert Maat van het UMCG. “Door onderzoek te doen, willen we erachter komen hoe we voor iemand die slecht hoort, het normale gehoorproces met een CI zo precies mogelijk kunnen nabootsen.” In het UMCG werd deze zomer het vijfhonderdste cochleair implantaat (CI) geplaatst.

"Als een normaal-horende luistert naar wat wij de proefpersonen laten horen, dan kan hij er eerst niets van maken.”

Wie een CI heeft, moet hard werken om goed te horen. Hoe horen en verwerken CI-dragers spraak en geluid? Om de benodigde antwoorden te vinden, werken de UMCG-onderzoekers samen met verschillende faculteiten van de RUG binnen de onderzoeksschool voor Behavioural and Cognitive Neurosciences (BCN). Zo zitten de klinisch fysicus/audioloog, KNO-arts, psycholoog, orthopedagoog, spraak/taalpatholoog, taalkundige en biomedicus regelmatig om de tafel. Bert Maat is samen met KNO-arts Rolien Free voorzitter van het CI-team in het UMCG.

Zelfde ta​​​al

​“Toen ik hier kwam werken, dacht ik ‘Wat heb ik nou met een psycholoog gemeen?’”, zegt Maat. “Maar dat was me snel duidelijk. We zijn allemaal met hetzelfde onderwerp bezig, ieder vanuit zijn eigen invalshoek.” Zo is Maat deskundig op het gebied van de codering van de taal of het geluid dat via een CI aangeboden wordt, de psycholoog op het welbevinden van de patiënt die met een CI moet leren omgaan. “Deze multidisciplinaire samenwerking is echt heel leuk, we hebben verstand van elkaars werk en qua onderzoek spreken we dezelfde taal.” Het onderzoek naar CI’s richt zich vooral op spraakcodering, luisterinspanning en het herkennen van geluid, emotie en muziek. “Als een normaal-horende luistert naar wat wij de proefpersonen laten horen, dan kan hij er eerst niets van maken.”

​​Spraakcodering en luisterinspanning

Ieder mens krijgt geluid binnen via stroompulsen. In het onderzoek dat zich richt op spraakcodering, is de vraag hoe dit proces voor CI-dragers zo efficiënt mogelijk na te bootsen is. Wanneer het geluid gehoord wordt, moet iedereen zich inspannen om het betekenis te geven. Wie een CI heeft, moet daarvoor een veel grotere inspanning leveren dan normaal-horenden. Een CI-drager moet zich heel goed kunnen concentreren in de zee van ruis die hij met het geluid of de spraak mee krijgt. De onderzoekers willen weten hoe ze die luisterinspanning meetbaar kunnen maken. “Als iemand zegt dat hij er moe van is, hoe moe is hij dan? En waar wordt hij moe van?,” verduidelijkt Maat.

Wat is normaal hore​​​n?

Om luisterinspanning te kunnen meten, werken de onderzoekers met simulaties. Eerst laten ze normaal-horenden van alles horen. Daarmee stellen ze vast wat normaal is. Vervolgens laten ze de normaal-horenden met CI-simulaties horen wat CI-dragers horen. Door te meten hoe normaal-horenden die geluiden ervaren, kunnen ze uitvinden wat het verschil is tussen CI-dragers en normaal-horenden. De kenmerken die hieruit naar voren komen, kunnen ze vervolgens verder bestuderen en toepassen om een CI-drager uiteindelijk betere mogelijkheden te geven spraak en geluid te verwerken.

Geluid en taal ‘verv​​ormen’

“In het onderzoek presenteren we woordjes en zinnen die we manipuleren. We vervormen als het ware het geluid en de taal in CI-simulaties”, zegt Maat. “De taalkundige die alles weet van de bouwstenen van taal, weet welke elementen er in ieder geval nog in een zin moeten zitten. Maar als een normaal-horende luistert naar wat wij de proefpersonen laten horen, dan kan hij er eerst niets van maken. De vraag is hoe slechthorenden met een CI de informatie die ze zo binnenkrijgen, kunnen restaureren zodat ze begrijpen wat er gezegd is. “De hersenen kunnen tot op zekere hoogte de ontbrekende stukjes informatie naar elkaar toe rekenen. Wij willen weten hoe dat in zijn werk gaat,” zegt Maat.

Herkennen van geluid en m​uziek

Genieten van mu​ziek kan eigenlijk nog niet goed met een CI. “Maar jongeren die heel jong al een CI kregen, vertellen dat ze muziek vaak wel erg leuk vinden”, zegt Maat. “We onderzoeken waarom zij het wel leuk vinden en mensen die op latere leeftijd een CI kregen het resultaat teleurstellend vinden. We hebben gekeken of het trainen van muziek luisteren verbetering geeft. Dat onderzoek moet nog verder uitgewerkt worden, maar uit het onderzoek totnogtoe kunnen we concluderen dat muzikale therapie een positief effect heeft op het herkennen van emoties in spraak. En dat het luisteren naar bijvoorbeeld een piano of orgel beter is geworden.

Onderzoek dicht bij de patiën​t

Alle resultaten uit dit en ander CI-onderzoek dat het UMCG samen met de RUG en universiteiten in binnen- en buitenland doet, worden uiteindelijk met elkaar gecombineerd. “Veel van onze onderzoekers en promovendi werken met CI-patiënten. Daardoor is er een sterke koppeling van praktische vragen van de patiënt naar meer fundamentele onderzoeksvragen. Op deze manier hopen wij uiteindelijk samen te komen tot een betere kwaliteit van horen met een CI en hopelijk ook tot een betere kwaliteit van leven van een CI-drager.”

Een Cochleair Implantaat ​is een hulpmiddel waarmee doven of zeer ernstig slechthorenden weer gedeeltelijk geluid en/of spraak kunnen horen. Het CI-team Noord-Nederland, werkzaam vanuit het UMCG, pl​aatste in december 2000 voor het eerst een CI bij een volwassen patiënt. De jong​ste patiënt die hier een CI kreeg was acht maanden oud, de oudste was negentig jaar. Dit najaar werd het vijfhonderdste CI geïmplanteerd. Het CI-team van het UMCG vierde dat met de patiënten op een CI-terugkomdag, waarop resultaten van het onderzoek werden gepresenteerd.

Luister hoe een fluit, een piano en een mannenstem klinkt  met een CI.​

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.