“In dit vak is er aandacht voor de hele mens”

, door Marjolein te Winkel
foto: Henk Veenstra

Het UMCG is gestart met de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde. De eerste twaalf artsen zijn op 1 september begonnen met de driejarige opleiding. 

De patiënten van een specialist ouderengeneeskunde zijn voor het grootste deel mensen die in een verpleeghuis wonen. Veelal oudere mensen – de naam van de functie verraadt dat al – maar soms ook jongere mensen. 

“We hebben te maken met patiënten die ernstig ziek zijn of een beperking hebben, en daardoor niet meer in hun eigen huis kunnen wonen”, vertelt Coby Tibben. “De specialist ouderengeneeskunde speelt een belangrijke rol bij medische behandelingen in verpleeghuizen en in de ondersteuning aan huisartsen, die steeds vaker te maken hebben met complexe vraagstukken bij de groeiende groep kwetsbare, langer thuiswonende ouderen.” 

​​​Couleur locale

Tibben is specialist ouderengeneeskunde in een verpleeghuis in Friesland en hoofd van de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde van het UMCG. Ze heeft de afgelopen maanden (“Samen met een enthousiast team!”) de nieuwe opleiding opgezet. Het uitgangspunt daarbij is het landelijk opleidingsplan, dat ook voor opleidingen in Amsterdam, Leiden en Nijmegen wordt gebruikt, waar de opleiding al werd aangeboden, en voor de nieuwe opleiding in Maastricht, die ook dit academisch jaar van start is gegaan. 

Tibben streeft ernaar om wat Groninger couleur locale  aan te brengen aan ‘haar’ opleiding, zoals een stage bij de huisarts, vanwege de intensieve samenwerking tussen de beide specialismen. “En we willen een kwalitatief goede opleiding kunnen aanbieden om specialisten met een hoog kennisniveau op te leiden.” 

De samenwerking is er ook met andere zorgverleners: met de fysiotherapeut, de logopedist, de ergotherapeut, de diëtist. En met de verpleegkundigen en verzorgers van een verpleeghuis. De specialist ouderengeneeskunde is degene die ‘het totale plaatje’ ziet, zegt Tibben. 

“Alle informatie over een patiënt komt bij de specialist ouderengeneeskunde binnen. We schetsen de prognose en we kijken wat er kan en wat er nodig is om tot voldoende welbevinden te komen in deze fase van het leven.”

Langer thuis

Die fase is niet per se de laatste fase van het leven, al geldt dat voor een aanzienlijk deel van de patiënten wel. Tibben: “We zien dat mensen veel minder lang in een verpleeghuis blijven. Sommigen mensen verblijven er tijdelijk en kunnen na een poosje weer terug naar huis. Want ook als je ouder bent kun je weer herstellen van een dip. Maar we zien ook dat mensen langer thuis blijven wonen, en dat pakt niet altijd goed uit.”

Zo kreeg Tibben zelf onlangs te maken met een oudere mevrouw die alleen woonde, verward was en op straat stond te schreeuwen. “Ze was erg mager. Het eten in haar koelkast was over de datum en beschimmeld.  Ze werd bij ons opgenomen, maar het lukte niet om haar weer aan te laten sterken. Ze is kort na haar opname overleden.”

​Ethische dilemma's

De specialist ouderengeneeskunde krijgt te maken met ethische dilemma’s, vooral over de vraag welke zorg je  nog wel, en welke je niet meer biedt. Wat de patiënt zelf wil is daarbij het belangrijkste, zegt Tibben, maar daarnaast is het aan de specialist ouderengeneeskunde om hierin ook de familie goed te mee te nemen. 

Tijdens driejarige opleiding doen de specialisten in opleiding werkervaring op in verpleeghuizen, en zijn er stages in een ziekenhuis, bij de GGZ en de huisarts. “We willen de specialisten in opleiding voorzien van gedegen kennis van hun vak. Dus er is veel aandacht voor de lichamelijke aandoeningen van de mensen die ze gaan behandelen, zoals pijn, obstipatie en wondbehandeling, maar ook de zorg voor mensen met geestelijke aandoeningen zoals depressie, niet-aangeboren hersenletsel  of een vorm van dementie”, zegt Tibben. 

“Daarnaast is er aandacht voor alles wat kan bijdragen aan het welbevinden van de patiënten. Denkdaarbij aan wat er nodig is om te kunnen kaarten, buiten te kunnen wandelen of een bezoek aan familie te brengen. Bij dit alles is communicatie met patiënten, met de familie en met de collega’s van groot belang.”

Meer aandacht​

Tibben verwacht over drie jaar twaalf enthousiaste dokters af te leveren, en hoopt dat de opleiding tegen die tijd is uitgebreid. “Er is in Noord- en Oost-Nederland grote vraag naar specialisten ouderengeneeskunde. Daarom zijn we heel blij dat er in de opleiding geneeskunde in Groningen meer aandacht komt voor ouderengeneeskunde en een deel van de studenten de mogelijkheid hebben om een coschap in een verpleeghuis te doen.” 

Zo’n eerste kennismaking tijdens de studie geneeskunde kan de interesse in de specialisatie ouderengeneeskunde aanwakkeren, denkt Tibben. De groep van 12 artsen die gaat beginnen aan de opleiding bestaat uit een aantal twintigers die nog niet zo lang geleden zijn afgestudeerd. Maar er zitten ook wat oudere artsen tussen, bijvoorbeeld iemand met twintig jaar ervaring als huisarts.” 

De totale mens in ogenschouw​​​​

Die eerdere ervaring is een voordeel, weet Tibben. Zelf maakte ze ooit  de switch van gynaecoloog in opleiding naar specialis ouderengeneeskunde. “De kennis die ik heb opgedaan tijdens mijn opleiding tot gynaecoloog helpt me nog altijd. Maar ik ben heel gelukkig dat ik ervoor gekozen heb om specialist ouderengeneeskunde te worden. Het is een prachtig vak waarin je nooit bent uitgeleerd.”​

Eigenlijk, zegt Tibben, zou elke arts in opleiding stage moeten lopen in een verpleeghuis. “In het ziekenhuis leer je heel veel over dat ene stukje van het lichaam waar je je in specialiseert. Over hoe een orgaan functioneert, hoe je een bloeduitslag interpreteert. In het verpleeghuis verruim je je blik. Je leert er de totale mens in ogenschouw te nemen.” 

​Martine Tamminga startte op 1 september met de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde in het UMCG.

“Al tijdens mijn studie lag mijn interesse in de zorg buiten het ziekenhuis. Ik heb daarom zelf een keuzestage in een verpleeghuis geregeld. Ik merkte bij medestudenten dat de ouderengeneeskunde niet erg populair was en dat heeft me altijd verbaasd, want het is juist een heel leuk, veelzijdig vak.
Je hebt als specialist ouderengeneeskunde veel contact met je patiënten. Je komt bij mensen thuis in hun woning in het verpleeghuis, je ziet ze vaak en hebt langer contact met ze, je bouwt een band met ze op. Je krijgt te maken met complexe zorgvragen en acute situaties, maar ook met minder ernstige kwaaltjes zoals huidschimmel.  Ik vind die afwisseling heel leuk.
De zorg voor deze patiënten is gericht op het goed kunnen functioneren, op de beste kwaliteit van leven, en dat is veel breder dan alleen behandelen. Je werkt samen in een team van zorgverleners om de patiënten de beste zorg te geven, en die manier van werken past goed bij mij. En de ouderen, die natuurlijk de grootste patiëntengroep vormen, hebben al een heel leven achter zich, ze hebben hun eigen verhalen, hun ervaringen, daar luister ik graag naar.
Ik ben na mijn afstuderen, tweeënhalf jaar geleden, als arts in een verpleeghuis gaan werken. Ik had al besloten dat ik de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde wilde gaan volgen, en toen ik zag dat de opleiding ook in Groningen ging starten, was dat voor mij reden om me daar nu mee te beginnen.”  ​

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.