Je kunt het zo gek niet verzinnen of het kan met 3D

, door Ellis Ellenbroek
foto: Henk Veenstra

Even snel een medisch hulpstuk uitprinten om te laten zien hoe dat gaat? Mijn gesprekspartners moeten een beetje lachen om die vraag. Een 3D-print wordt laagje voor laagje opgebouwd, dat kost uren, verduidelijken Joep Kraeima, technisch geneeskundige van de afdeling Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie (MKA) en Peter van Ooijen, als informaticus verbonden aan de afdeling Radiologie. Hoe nauwkeuriger de print moet zijn, des te langer het duurt. 

Trouwens, hier in het 3D-lab van het UMCG staan geen printers vanwege het geluid en de geur die ze afgeven. Er staat een printer in de instrumentmakerij, zegt Kraeima. En het UMCG maakt gebruik van printers buiten de deur. Op een tafel liggen wel mooie voorbeelden van producten. Een groene kunststof schedel, een hart van pastelkleurig gummi, een kunststof malletje, een implantaat.

​​Grote ambities

Het nieuwe 3D-lab van het UMCG mag op het eerste gezicht gewoon een lokaal vol computers zijn, het vertegenwoordigt grote ambities. Dat is me eerder deze ochtend wel duidelijk geworden in de spreekkamer van Max Witjes, kaakchirurg-oncoloog en samen met Kraeima en Van Ooijen drijvende kracht achter het lab. Dat werd in september feestelijk geopend in de hoop en verwachting dat het uitgroeit tot een ziekenhuisbreed expertisecentrum.
Op een tafel liggen mooie voorbeelden van producten. Een groene kunststof schedel, een hart van pastelkleurig gummi, een kunststof malletje, een implantaat.​
​Kaakchirurgen snuffele
n, wereldwijd, al jaren aan het fenomeen driedimensionaal dat zijn wortels heeft in de  animatie- en gaminghoek. In Groningen hadden Witjes en zijn collega’s al het Facial Imaging Center opgericht, waar zij operaties voorbereidden met 3D-modellen. Met geprinte zaagmalletjes bijvoorbeeld kon een kaakreconstructie preciezer worden uitgevoerd dan voorheen. 

Bij MKA ontdekten ze dat de radiologen net zo enthousiast en nieuwsgierig waren. Geen wonder, legt Peter Van Ooijen uit, onderzoeker en docent bij Radiologie. Radiologen zijn de medische plaatjesmakers bij uitstek en 3D-beelden vormen een spannende nieuwe uitbreiding van het gebruikelijke repertoire, de foto’s, de graphics en de scans. 

​​Kennis en ervaring delen

Het Facial Imaging Center is 3D-lab geworden. “We wilden het niet voor onszelf houden”, zegt Witjes die zoveel mogelijk andere specialismes bij het lab wil betrekken. Kennis en ervaringen delen, gezamenlijk experts inzetten, software aanschaffen en samenwerking zoeken met het bedrijfsleven. Er is genoeg te doen. Gehoopt wordt dat zoveel mogelijk afdelingen komen participeren in het collectief. 

Peter van Ooijen: “Kaakchirurgie en Radiologie steken er nu tijd en geld in. Voor veel afdelingen is het nog een drempel om 3D toe te passen, omdat er in ons zorgstelsel nog geen vergoeding voor is. Een print maken voor een paar honderd euro zit niet in het budget, daar moet je wegen voor vinden.”

Orthopedie, KNO, Longziekten, Thoraxchirurgie, Traumachirurgie en Cardiologie zijn al aangeschoven als deelnemer. Hoe fijn een 3D-geprint hart is als operatievoorbereiding, legt Van Ooijen uit: “De chirurg die straks het lichaam openmaakt om, een beetje oneerbiedig uitgedrukt misschien, wat leidingen om te leggen, kan het hart voor de operatie al in zijn handen houden en zien hoe de situatie binnenin is.”  ​

​Nog preciezer dan anders

Masterstudenten onderzoeken hoe de toepasbaarheid van 3D verbeterd kan worden. Hoe maken radiologen de beste bruikbare beelden bijvoorbeeld? Peter van Ooijen: “Tot nu toe werden onze beelden alleen gebruikt om diagnoses te stellen, niet om behandelingen mee te doen. Maar wat wij aan 3D-materiaal maken wordt wel voor behandeling gebruikt, om daar of daar een zaagsnede te zetten, of om daar of daar een gat te boren. Dan komt het er dus op aan dat je nog preciezer bent dan anders.” 

​Op 20 april promoveert een van de kaakchirurgen die aan de wieg van het Facial Imaging Center en dus het 3D-lab stond, Rutger Schepers, op een proefschrift over 3D-voorbereide operaties. 

Waarom zijn kaakchirurgen eigenlijk voorlopers? Peter van Ooijen: “Het zijn andere mensen dan bijvoorbeeld neurologen, het zijn de knutselaars, de timmermannen, net als orthopeden.” 

Maar wie zal zeggen hoe de toekomst uitpakt voor andere specialismen? Je kunt het zo gek niet verzinnen, of het kan met 3D, benadrukt het Groningse driemanschap, precies in de week dat Amerikaanse biotechnologen een niet van echt te onderscheiden oorschelp presenteerden, ontwikkeld in opdracht van defensie.

Een van de succesverhalen​

Max Witjes hield een presentatie over de 3D-droom op chirurgencongres SEOHS 2014. “Dat is een van de succesverhalen, vind ik zelf. Na mijn verhaal kwam een traumachirurg, Frank Ypma, naar mij toe en vroeg: Wat kan ik met jouw techniek bij mijn traumapatiënten? We hebben kort daarop in de eetzaal bij de maaltijd een uur zitten praten en daar kwam een idee uit om bekkenfracturen met 3D te behandelen. Dat hebben we ontwikkeld met een bedrijf uit de provincie en we vonden een fonds dat 140 duizend euro beschikbaar stelde. Het project is net begonnen.” 

Joep Kraeima is de vliegende keep van het lab. Opgeleid als technisch geneeskundige aan de universiteit van Twente is de nog jonge 3D-fan deels medicus – met BIG-registratie -  deels technicus. De witte jas komt van de kapstok bij het voorli​chten van patiënten die een kaakoperatie te wachten staat. In het 3D-lab kan hij ze met een speciale bril driedimensionale beelden van hun eigen kaak laten zien. Sommige patiënten zijn daar bij gebaat en het komt hun ziekteproces ten goede.

​​​Na een operatie verslaafd aan 3D

De eerste 3D-operatie van Max Witjes is trouwens al weer even geleden. Die was in 2010. Witjes weet het nog goed. Op tafel een patiënt die een tumor had gehad, daarvoor bestraald was, met fikse beschadigingen van de kaak als gevolg. 
Wie zal zeggen hoe de toekomst uitpakt voor andere specialismen? Je kunt het zo gek niet verzinnen, of het kan met 3D, benadrukt het Groningse driemanschap.​
Witjes: “Dat gebeurt helaas soms. Een reconstructie zodat het kunstgebit weer zou passen was gewenst. Wat we doen in zo’n geval is kuitbeen transplanteren naar de kaak.​ Maar het kuitbeen is een recht stuk bot en de kaak is rond, dus je moet figuurzagen uit de hand, passen en meten en het bot telkens in- en uitnemen voor het past en je het vast kunt zetten. Nu hadden we 3D-geprinte mallen gemaakt die we op het kuitbeen van de man konden zetten en meteen op maat zagen. Dat hadden we nog nooit zo kunnen doen. En we waren ook een uur eerder klaar dan anders.” 

Spannend? Witjes: “We hadden de operatie zo opgezet dat we het ook op de oude manier konden uitvoeren. Dubbel voorbereid. Maar na één operatie was ik verslaafd aan 3D.”

Bekijk ook​ de In Beeld die op 5 juni 2015 in Dagblad van het Noorden werd gepubliceerd: UMCG opereert virt​ueel.pdf

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.