Méér testen geeft inzicht in epidemie

foto: Alessandra Baltodano

Vanuit steeds meer landen komen nu voorzichtig positieve getallen over afvlakkende curves. De verschillen tussen landen blijken echter opvallend groot. Aantallen corona-infecties worden bepaald door hoe hard je zoekt en test, en dat wisselt sterk. Sterfte is een duidelijk gevolg, waarop je zou kunnen vergelijken. Maar zelfs de wijze waarop sterfte wordt geregistreerd en toegeschreven aan de virusinfectie (met of zonder testen) kan verschillen.

Maar werkt het testen? Is er een relatie tussen sterfte en hoe hard je zoekt naar de infectie in de bevolking? 

De ervaringen uit Zuid-Korea en China zijn bekend, maar een betere vergelijking is het ‘zwaargetroffen Italië’. Niet heel Italië is immers even zwaar getroffen: de verschillen tussen regio’s zijn groot. Vooral het verschil tussen Lombardije en Veneto valt op. Deze twee regio’s liggen naast elkaar, hebben hetzelfde hoge welvaartsniveau en vallen onder dezelfde nationale richtlijnen in het behoorlijk bureaucratische Italië. 

Echter, aan het begin van de epidemie besloot Veneto alles te zetten op het testen van verdachte gevallen en Lombardije werd het meer terughoudende beleid aangehouden dat ook nationaal is aangeraden: testen wanneer het klinisch noodzakelijk was voor ernstige gevallen en voor medewerkers met klachten.​

Onthutsende cijfers​​

In Veneto ging men hard aan de slag met traceren en isoleren. De openbare gezondheidszorg kon het redelijk goed aan. In Lombardije werd het traceren van alle contacten na enige tijd onmogelijk, door het grote aantal gevallen dat zich in rap tempo voordeed. De vaak aangedragen kwetsbare sociale structuur in Italië, met een oudere bevolking en veel bejaarden middenin de maatschappij, wonend tussen de jongeren, is vergelijkbaar in beide regio’s.

De cijfers zijn onthutsend: tot 26 april zijn in Lombardije 13.300 mensen overleden aan Covid-19 (op 73.000 herkende gevallen), in Veneto maar ongeveer 1.300 (op bijna 17.500 herkende gevallen). Lombardije heeft 10 miljoen inwoners, Veneto precies de helft. Dus qua percentage van de bevolking vijf keer minder sterfte! 

Er zijn geen aanwijzingen dat er minder zorgvuldig is getest bij sterfgevallen in Veneto. Integendeel, het aantal geregistreerde testen was in beide regio’s even groot, ongeveer rond de 200.000 in totaal. Dat is dus in Veneto ongeveer dubbel zoveel per inwoner.

Wel is belangrijk te weten dat er ook verschillen zijn tussen de zorgstelsels van beide regio’s. Er zijn evenveel huisartsen in beide regio’s, Veneto heeft echter meer spoedpoli’s, ziekenhuizen en laboratoria per inwoner dan Lombardije. Private zorginstellingen in Lombardije weigerden aanvankelijk Covid-19-patiënten van publieke ziekenhuizen over te nemen, dat gebeurde pas later en dan nog gedeeltelijk.​

Precieze preventie

In Italië bestaat een strakke centrale regie in de rapportage over de epidemie. Maar omdat de regio’s het gezondheidsbeleid uitvoeren is er een zekere vrijheid van aanpak. Dat heeft geresulteerd in het sterk verschillende testbeleid. Maar hoe kan een actief testbeleid zo’n verschil maken? Je geneest toch geen mensen door ze te testen?

Dat werkt inderdaad anders. Door te testen weet je bij wie, waar en wanneer de infectie speelt. Alleen verdenkingen zijn geen goede basis voor beleid. Met een positieve testuitslag wordt preventie niet alleen meer precies en kun je de juiste maatregelen nemen, maar is er ook meer motivatie bij de betrokkenen. Er is immers geen twijfel meer waar het om gaat en waarvoor isolatie nodig is. 

Soms was de verdenking al groot en is een resultaat geen verrassing, maar omdat de epidemie ons steeds een stap voor is kunnen testen óók uitbreiding aantonen waar die nog niet verwacht werd. De resultaten zijn objectief en goed te registreren. Juist bij een epidemie die ons vaak verrast, door de overdracht in zeer vroege stadia van de infectie, moet je ieder geval serieus nemen.

Iedereen met klachten thuishouden is eigenlijk een noodmaatregel. Zeker als de infectie weer zeldzamer wordt is het van belang gericht beleid te voeren en de epidemie onder controle te houden met zo min mogelijk maatschappelijke ontwrichting. 

Vreemd genoeg wordt dit niet genoemd in het debat over de corona-waarschuwings-app’s: dat is in feite gewoon een manier om een proactief testbeleid te voeren. Immers, zonder testen weet ook de app niet wie er besmettelijk is. Dat je ook zonder zo’n app wel een effectief beleid kan voeren, als je informatie krijgt door testen, wordt duidelijk uit de ervaring in Veneto.

Afschaalfase

Bijzonder is dat ook de motivatie van de bevolking bevorderd lijkt door meer testen: het biedt erkenning voor de individuele problemen en velen voelen het als een recht om te weten of zij de ziekte nu echt hebben. Daarnaast is het een krachtig gereedschap om beleid te voeren in plaats van verrast te worden. 

Dat geldt ook in het kader van eventuele versoepeling van de maatregelen. Die is alleen mogelijk met een streng vinger-aan-de-pols beleid, met testen, contacten traceren en isoleren als fundament, met of zonder een app.

Het testbeleid in Nederland is verruimd, maar nog lang niet iedereen met klachten wordt getest. In de afschaalfase van de epidemie moeten we snel en gericht testen om inzicht te krijgen en bevoogding te vermijden. Inzicht is motiverend voor de bevolking, waarvan veel wordt gevraagd en maakt preciezere preventie mogelijk. En het werkt, zo laat Veneto zien.

Over de auteurs
Alex Friedrich, Louis Kroes en Christina Vandenbroucke-Grauls zijn alledrie hoogleraar medische microbiologie. Friedrich is afdelingshoofd medische microbiologie in het UMCG, Kroes in het LUMC en Vandenbroucke-Grauls was dat in het VUMC. ​Dit ​opiniestuk werd op 28 april 2020 gepubliceerd in NRC Handelsblad​.

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.