Mindlines opent nieuwe deuren

, door Theone Joostensz
foto: UMCG

​Hoe kan het dat de ene patiënt volledig herstelt van een psychose en de andere niet? Wat is het effect van vroegkinderlijk trauma op het later ontwikkelen van lichamelijke klachten bij mensen met een psychiatrische aandoening? En hoe kunnen we therapieën beter laten aansluiten op patiënten? Met behulp van Mindlines hopen onderzoekers antwoorden te vinden op deze en andere vragen.

In het UMCG vindt medisch-wetenschappelijk onderzoek plaats om meer te weten te komen over het ontstaan en het beloop van ziektes en om nieuwe en betere behandelmethoden te ontwikkelen. Onderzoekers maken hiervoor dankbaar gebruik van grote databases, waarin lichaamsmateriaal en medische gegevens liggen opgeslagen die ontelbaar veel patiënten belangeloos hebben afgestaan. Hiermee dragen ze bij aan de wetenschap.  

Drie databases

Ook de afdeling psychiatrie van het UMCG maakt voor haar onderzoek gebruik van grote databases vol patiëntgegevens. Er zijn twee databases waarin patiënten worden gemonitord die psychofarmaca gebruiken; medicijnen die ingezet worden bij de behandeling van psychiatrische aandoeningen en psychologische problemen.

Mensen met een ernstige psychiatrische stoornis overlijden wel tien tot twintig jaar eerder dan de algemene bevolking, zegt Daniëlle Cath. Zij is psychiater bij GGZ Drenthe en bijzonder hoogleraar Innovaties in de GGZ bij het UMCG.

Dat komt omdat mensen met psychische problemen ook vaak lichamelijke klachten hebben. Die worden mede veroorzaakt door een ongezonde leefstijl, maar ook door de psychiatrische aandoening en daarmee samenhangende biologische factoren zoals erfelijkheid. Tenslotte zijn onze psychofarmaca enerzijds vaak effectief, maar anderzijds veroorzaken de bijwerkingen onder andere gewichtstoename en daarmee allerlei gezondheidsproblemen op het gebied van hart- en vaatziekten. We kijken daarom bij psychiatrische patiënten zowel naar lichamelijke klachten als naar medicijngebruik om zo behandelingen te ontwikkelen die beter afgestemd zijn op de individuele patiënt. 

​​​Met behulp van de verzamelde gegevens van mensen met een psychotische stoornis wordt onder meer antwoord gezocht op de vraag: wat maakt nou dat de ene patiënt volledig herstelt van een psychose, depressie of angststoornis en de ander maar gedeeltelijk of helemaal niet? Uit recent onderzoek blijkt dat, naast vermindering van psychische klachten, herstel op andere gebieden zoals werk of persoonlijk functioneren, enorm belangrijk is voor het algehele herstel. Een belangrijk inzicht waarmee behandelingen en therapieën beter afgestemd kunnen worden op individuele patiënten.

Met een derde grote database binnen de psychiatrie worden studies gedaan naar het beloop van psychische klachten bij ouderen. Veel behandelingen en therapieën zijn gericht op (jong)volwassenen; het doel van dit cohort is om te komen tot betere psychiatrische behandelingen voor patiënten van 60 jaar en ouder.

Van drie naar één

Wat zou het ons opleveren als we deze drie databases samenvoegden tot één grote? Die vraag stelden Cath, senior onderzoeker Edith Liemburg van het UMCG en Richard Bruggeman, hoogleraar Neuropsychiatrie van Psychotische Stoornissen bij het UMCG, zichzelf. Gedrieën zijn zij de kartrekker van een groot, nieuw cohort dat de naam Mindlines draagt. Door de drie databases samen te voegen, kunnen we over diagnoses en leeftijden heen kijken, zegt Liemburg.

Mindlines geeft ons veel meer gegevens van veel meer mensen, voegt Cath toe. ​Je kijkt naar iemands woonsituatie, in hoeverre er een sociaal netwerk is, naar allerlei biologische factoren: hoe is iemands lichamelijke gezondheid? In hoeverre zijn er traumatische gebeurtenissen geweest? Al die informatie kun je betrekken bij je onderzoek en dan veel fijnmaziger voorspellingen doen over welke patiënten risico lopen op het ontwikkelen van bepaalde psychische of lichamelijke aandoeningen.

Door Mindlines kunnen onderzoekers beter profiteren van elkaars specialistische kennis. Er gaan allerlei nieuwe deuren open, aldus Cath: In de ouderengroep wordt bijvoorbeeld veel gekeken naar broosheid als voorspeller voor overlijden en voor allerlei lichamelijke ellende. Misschien is het wel zinnig om ook bij 60-minners te kijken naar de factor broosheid. Ik verwacht dat dat ons heel veel extra kennis gaat opleveren.

Man-vrouwverschillen

Het project bevindt zich nog in de beginfase, maar Cath en Liemburg zien nu al veel mogelijkheden voor hun eigen onderzoeksgebied. Ik ben bezig met een groot onderzoek naar man-vrouwverschillen op allerlei gebieden, zoals medicatiegebruik, zegt Liemburg. Vrouwen krijgen veel vaker medicatie voorgeschreven dan mannen. Dan is de eerste vraag: hoe kan dat? En de vervolgvraag: kun je daar ook iets aan doen?

​Voor Cath biedt Mindlines een schat aan informatie voor haar eigen onderzoek naar de invloed van vroegkinderlijk trauma op het ontwikkelen van lichamelijke klachten bij  psychiatrische patiënten: Wanneer is de invloed van vroegkinderlijk trauma het meest voelbaar? En wanneer speelt het veel minder een rol? Doordat we het beloop van psychiatrische aandoeningen nu veel beter in kaart kunnen brengen, kunnen we gerichter behandelingen ontwikkelen, toegespitst op de persoonlijke kenmerken van patiënten. We zullen meer leren over onze medicatiestrategieën. Veel wat we nu doen is 'one size fits all'. En daar willen we van af.

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.