Sociaal actief zijn verkleint kans op dementie

, door Anita Harte
foto: Shutterstock

Ga eropuit, word lid van clubjes of bezoek familie. Ook, of misschien wel juist, als je al ouder bent. Dat zegt Jisca Kuiper, promovendus in het UMCG. In een literatuurstudie onderzocht ze het verband tussen sociale activiteiten en het ontstaan van dementie. “Sociaal actief zijn is heel nuttig. Het stimuleert je brein en verkleint daarmee het risico op dementie.” 

Het vermoeden bestond al langer, nu is het ook wetenschappelijk aangetoond. Weinig deelname aan sociale activiteiten, weinig sociaal contact en eenzaamheid geeft een groter risico op het ontstaan van dementie. “Er is al veel onderzoek naar gedaan”, zegt Jisca Kuiper, ​maar vaak spraken de uitkomsten elkaar tegen.” 

De afzonderlijke studies hadden een beperkt aantal deelnemers of duurden niet lang genoeg om eenduidige uitspraken te kunnen doen. Door een zogenoemde meta-analyse uit te voeren − een onderzoek waarbij alle gegevens van een redelijk aantal eerdere onderzoeken bij elkaar worden genomen − ontstaat het voordeel van de grote getallen. 

“Dat is het mooie van een review als deze. Waar die eerdere studies enkele honderden tot een paar duizend deelnemers hadden, konden wij de gegevens van vele duizenden deelnemers vergelijken.” Met ‘wij’ doelt Kuiper op zichzelf, collega-onderzoekers en de (co-)promotoren die haar begeleiden gedurende haar promotietraject.

​Literatuurstudie

Een literatuurstudie is in eerste instantie vooral veel zoek- en leeswerk. “We hebben heel breed in databases gezocht naar wetenschappelijke artikelen die iets met ons onderwerp te maken hadden.” Op basis van titel en samenvatting vonden ze er ruim 8500. Na toepassing van verschillende criteria bleven er 133 over die de onderzoekers volledig hebben gelezen.

Daarmee waren ze er echter nog niet. “Een probleem bij dit soort studies is dat niet altijd met zekerheid te zeggen is wat oorzaak en gevolg is”, zegt Kuiper. Daarmee bedoelt ze dat het zo maar zou kunnen dat weinig sociaal contact juist een gevolg is van de dementie. “Je ziet bij dementie dat het twee kanten op kan. Sommige mensen vinden herkenning bij elkaar en zoeken elkaar daarom op. Anderen trekken zich juist terug.” 

Om in deze literatuurstudie zekerder te zijn van oorzaak en gevolg, namen de onderzoekers alleen de studies mee waarin de deelnemers op het eerste meetmoment nog geen dementie hadden en waarin ze langer gevolgd werden in de tijd (de zogenoemde longitudinale studies). Er bleven er negentien over.

Tevredenheid over de contacten

De promovendus onderzocht ook de invloed van de grootte van iemands sociale netwerk en de mate van tevredenheid over de contacten. Die bleek niet aantoonbaar. “Wat betreft de omvang van het netwerk wilden we geen conclusies trekken. De studies waren op dit punt te verschillend om ze samen te kunnen nemen. Ik kan me overigens wel indenken dat het misschien ook niet uitmaakt − als je maar een contact hebt waar je genoeg uithaalt.” 

Tevredenheid over de contacten leek geen belangrijke rol te spelen bij het risico op het ontstaan van dementie. “Hadden we meer studies kunnen gebruiken  die hier onderzoek naar hebben gedaan, dan hadden we mogelijk wel een verband gezien. Zeker weten we dat echter niet.” Tegelijk maakt ze ook hier een kanttekening: “Misschien gaat het er ook niet om of de contacten positief of negatief zijn, maar gaat het er vooral om dát het brein wordt gestimuleerd.”

​Leeftstijlprogramma’s

Kuiper toonde aan dat de invloed van sociale activiteiten op het ontstaan van dementie vergelijkbaar is met de risicofactoren die al zijn opgenomen in bestaande leefstijlprogramma’s. Daarin ligt de nadruk tot nu toe vaak op voldoende bewegen, gezond eten, niet roken en beperkt alcoholgebruik. 

Als het aan Kuiper ligt, wordt het hebben van regelmatig sociaal contact daar snel aan toegevoegd. “De gedachte is dat je je brein moet stimuleren, omdat het anders aan functie verliest − de ‘use it or lose it’ theorie.” Hoe eerder in je leven je daarmee begint, hoe meer ‘reserve’ je opbouwt, zegt ze.

“Maar ook op latere leeftijd is het absoluut zinvol. Ik denk echt dat ouderen die al dementeren weer opleven als er meer contact is.” Een belangrijk gegeven voor huisartsen, geri​​aters of bijvoorbeeld beleidsmakers die zich nog afvragen of het bevorderen van sociale interactie zinvol is. “Ik hoop dat het wordt opgepakt.”

Meer lezen over ​het HAPS-programma​ (Healthy Ageing, Population and Society). 

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.