‘Studenten hebben vrouwelijke rolmodellen nodig’

, door Theone Joostensz
foto: Henk Veenstra

Van de vijftien Aletta Jacobs Leerstoelen die de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) vorig jaar exclusief instelde voor vrouwelijke wetenschappers, worden er drie bekleed door UMCG’ers: Liesbeth Brouwer, Claudine Lamoth en Marjolijn Lub-de Hooge. Zij vertellen over hun onderzoek en hun link met boegbeeld Aletta Jacobs.

Liesbeth Brouwer: ‘Vroegherkenning is cruciaal voor behandeling bloedvatontsteking’

210305_beeld_Aletta_hoogleraren_Liesbeth.jpgVasculitis, ofwel ontsteking van de bloedvaten, is een zeer zeldzame aandoening die onomkeerbare schade aanricht bij patiënten. ‘Het is cruciaal dat we deze ziekte in een vroeg stadium herkennen zodat we zo snel mogelijk kunnen starten met behandelen’, zegt Liesbeth Brouwer, hoogleraar Translationele reumatologie, in het bijzonder de vasculitiden.

Afvallen, koorts hebben, moe zijn, nachtzweten en algehele malaise; het zijn symptomen die kúnnen wijzen op ontsteking van de grote bloedvaten. Specifiekere klachten zijn hoofdpijn, minder kunnen zien en spierreuma.

Helaas wordt vasculitis niet altijd op tijd herkend omdat het een zeldzame aandoening betreft. Daardoor wordt de behandeling te laat ingezet”, zegt Brouwer. “De schade is groot en onomkeerbaar: de patiënt kan blind worden of een beroerte krijgen. Vroegherkenning is dus cruciaal.”

Verouderend immuunsysteem

In het vasculitis expertisecentrum van het UMCG wordt in teamverband hard gewerkt om antwoord te vinden op de vraag waarom mensen bloedvatontsteking ontwikkelen. “We vermoeden dat de oorzaak ligt in het verouderende immuunsysteem en verouderende vaatwanden”, zegt Brouwer. “In het lab gaan we in het weefsel en in het bloed op zoek naar markers; voorbodes die ons helpen de ziekte vroegtijdig te signaleren.”

“Naast een maatschappelijk betrokken wetenschapster was Aletta Jacobs ook gewoon een heel leuk mens.”

Onderzoek is ook nodig om gerichte behandelingen te ontwikkelen: “Vasculitis wordt vaak met prednisolon behandeld, wat zeer schadelijk kan zijn voor de patiënt. We hopen te ontdekken welke cellen een rol spelen bij het ontstaan van de ziekte zodat we gerichte behandelingen kunnen ontwikkelen. Daarvoor is een goede samenwerking, ook internationaal, heel belangrijk. Bij zulke zeldzame aandoeningen heb je de kennis en kunde nodig, nationaal en internationaal.”

Fietsen met Aletta

Brouwer beschouwt haar aanstelling als hoogleraar als een team effort: “Ik ben heel erg van het samenwerken”, zegt ze. “Dat we dit gezamenlijk voor elkaar hebben gekregen, is voor mij heel belangrijk.”

En helemaal in de geest van Aletta Jacobs, overigens: “Aletta was een belangrijke voorvechtster van ‘De politieke en de economische onafhankelijkheid der vrouw en het moederschap naar begeeren’. Ze zette zich in voor waar ze in geloofde, maar ze deed het wel altijd samen met anderen.”

Dat wil Brouwer ook meegeven aan haar studenten, vrouwen en mannen van verschillende komaf: “Geloof in jezelf, bewandel je eigen pad, en zoek de samenwerking op. De onderzoekswereld is niet gemakkelijk, maar samen is het leuker en kun je veel bereiken.”

Dan lachend: “Wat ik zo mooi vind aan Aletta is dat ze ook graag fietste. Ze was samen met haar man lid van de internationale wielrijdersbond en toerde op haar gewone fiets met koffer door heel Europa. Naast een maatschappelijk betrokken wetenschapster was ze ook gewoon een heel leuk mens.”

Claudine Lamoth: ‘Bewegen moet net zo gewoon worden als tandenpoetsen’

210305_beeld_Aletta_hoogleraren_Claudine.jpgClaudine Lamoth, hoogleraar Bewegingsanalyse, slimme technologie en veroudering, heeft een missie: bewegen moet net zo gewoon worden als tandenpoetsen. ‘En het moet ook léuk zijn’, vindt ze, ‘want elke dag verplicht 10.000 stappen zetten, dat klinkt als een straf.’

Wat is de invloed van ouder worden op beweging? Wat gebeurt er met je aansturing en coördinatie? En wat voor oplossingen vinden mensen zelf? Lamoth doet hier onderzoek naar.

“Naarmate mensen ouder worden, vermindert het vermogen om bijvoorbeeld hun lopen aan te passen aan de omgeving. Het wordt moeilijker op onregelmatige ondergrond te lopen of de pas te versnellen bij het oversteken”, zegt ze.

“We zien dan dat mensen zich aanpassen door onregelmatige stappen te zetten en langzamer te gaan lopen. Die kennis gebruiken we voor de ontwikkeling van slimme technologie en algoritmen om ouderen beter te monitoren. Denk aan een activiteitenhorloge of een T-shirt met sensoren die de beweging, hartslag en de ademhaling meten. Met die gegevens kunnen we antwoord krijgen op vragen als: Hoe bewegen mensen? Waarom bewegen ze zo weinig? Wat zijn risicofactoren voor bijvoorbeeld vallen, en hoe kunnen we ingrijpen?”

Meer bewustwording

Helemaal van nu is de inzet van games en virtual reality. Neem bijvoorbeeld de ontwikkeling van de Schaatsgame voor 65-plussers waar Lamoth nauw bij betrokken was. Of een speciale game om kwetsbare ouderen na een heupfractuur middels hun favoriete muziek te motiveren om in beweging te blijven.

“We hebben heel veel vrouwelijke studenten voor wie het goed is om te zien dat er ook vrouwelijke hoogleraren zijn. Dat geldt ook voor mannelijke studenten, trouwens.”

Lamoth hoopt dat ze mensen tools kan geven waardoor deze langer zelfstandig kunnen wonen, mét behoud van kwaliteit van leven. Ook zet ze zich in voor meer bewustwording in de maatschappij over het proces van ouder worden. “Ik vind het heel vervelend hoe we naar ouderen kijken als een aparte, ‘kwetsbare’ populatie”, zegt ze. “Als ik iets kan bijdragen om dat beeld te kantelen, dan zou ik dat heel mooi vinden.” 

Eerste vrouwelijke hoogleraar

Lamoth mag zich de eerste vrouwelijke hoogleraar bij Bewegingswetenschappen noemen. Een belangrijke mijlpaal, zegt ze: “We hebben heel veel vrouwelijke studenten voor wie het goed is om te zien dat er ook vrouwelijke hoogleraren zijn. Dat geldt ook voor mannelijke studenten, trouwens. Ik heb zelf ooit een vrouwelijk rolmodel gehad, toen ik stageliep in een onderzoekslab in Canada voor mijn master Bewegingswetenschappen. Op dat moment was ik me daar niet zo van bewust, maar als ik erop terugkijk is die periode heel belangrijk geweest voor me.”

Als lid van het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren weet Lamoth dat het tekort aan vrouwelijke hoogleraren een landelijk probleem is. “Heel goed dat de RUG de Aletta Jacobs Leerstoel heeft ingesteld. Het feit dat alle leerstoelen snel waren ingevuld, geeft wel aan dat er voldoende vrouwen met potentie zijn.”

‘Beeldvorming voorspelt mede welk geneesmiddel geschikt is voor welke patiënt’ 

210305_beeld_Aletta_hoogleraren_Marjolijn.jpg

Welke patiënt heeft baat bij een bepaald geneesmiddel tegen kanker en bij welke patiënt werkt het middel niet? Marjolijn Lub-de Hooge, hoogleraar Ziekenhuisfarmacie in het bijzonder personalized medicine in de oncologie, onderzoekt hoe ze dit met behulp van beeldvorming kan voorspellen.


 

“Het idee bij personalized medicine is dat we op basis van karakteristieken van de patiënt en de soort kanker, van tevoren proberen in te schatten welke geneesmiddelen je het beste kunt inzetten voor die patiënt, dus geïndividualiseerde farmacotherapie”, zegt Lub-de Hooge.

“Ik gebruik hier met name beeldvorming voor. De patiënt krijgt een geneesmiddel met een radioactief label toegediend, een zogenaamd radiofarmacon. Vervolgens kijken we met behulp van een PET-scanner of het geneesmiddel de tumor bereikt, of het in voldoende mate aanwezig is, en waar het nog meer naartoe gaat. Op die manier kunnen we beter inschatten of het voor die patiënt de juiste behandeling is.”

Nieuwe geneesmiddelen

Beeldvorming kan ook helpen bij de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen zoals immuuntherapie. Hierbij krijgt de patiënt medicijnen die zijn immuunsysteem helpen de tumor op te ruimen.

“In de praktijk zie je dat de verhouding tussen mannelijke en vrouwelijke hoogleraren wel erg scheef is terwijl er echt voldoende geschikte vrouwen zijn.”

“Het is lastig om van tevoren in te schatten hoe de T-cellen van de patiënt - dat zijn de witte bloedcellen die kankercellen doden –zullen reageren. Door het geneesmiddel radioactief te labelen, krijgen we belangrijk inzicht in hun gedrag.”

Steeds meer in opkomst is CAR-T-celtherapie. T-cellen van de patiënt worden met behulp van DNA-technieken getransformeerd tot ‘killercellen’ die, eenmaal teruggeplaatst in de patiënt, actief op jacht gaan naar tumorcellen.

“Vooral bij een groep patiënten met hematologische aandoeningen werken deze versterkte T-cellen heel goed”, zegt Lub-de Hooge. “Maar nog niet bij alle patiënten en ook bij solide tumoren boeken we nog niet zoveel succes. Wellicht kan beeldvorming helpen om er achter te komen hoe we CAR-T-cellen ook bij deze patiënten kunnen inzetten.”

Werken in de avonduren

“Toen ik vorig jaar benoemd werd tot hoogleraar vroeg mijn dochter: ‘Hoef je dan nooit meer ’s avonds te werken?’, lacht Lub-de Hooge. Werken in de avonduren doet ze nog steeds, en ook verder is er niet zoveel veranderd, zegt ze: “Misschien dat sommige deuren wat makkelijker open zullen gaan nu ik op deze positie zit.”

Ze vindt het super dat er door de Aletta Jacobs Leerstoel meer vrouwelijke hoogleraren bij komen. “Ik vind de leerstoel een prachtig initiatief. Voorheen had ik zoiets van: je moet gewoon de beste persoon op die plek zetten, ongeacht of dat een man of een vrouw is. Maar in de praktijk zie je dat de verhouding tussen mannelijke en vrouwelijke hoogleraren wel erg scheef is terwijl er echt voldoende geschikte vrouwen zijn. Het is goed om die een duwtje te geven.”

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.