UMCG start met protonentherapie

, door Sander Koenen
foto: Antoinette Borchert

​Protonentherapie vermindert het risico op bijwerkingen bij kankerbehandelingen. Het UMCG is een van de vier ziekenhuizen in Nederland die de therapie gaat aanbieden en onderzoek doet naar de resultaten ervan.

Op het computerscherm van Hans Langendijk, hoofd radiotherapie van het UMCG, staan twee torso's afgebeeld; scans van een borstkankerpatiënt. Links het resultaat van reguliere bestraling me​t fotonen, rechts dat van protonentherapie. Het verschil is overduidelijk. Links krijgt de tumor een flinke dosis straling, maar de longen en het hart worden óók geraakt. Dat komt omdat niets de fotonen tegenhoudt, ze gaan dwars door het lichaam heen. Rechts toont de scan een flinke aanslag op de tumor, maar géén straling in het hart en de longen.

ProtonenII.jpg

Protonenbundels laten zich met behulp van magneten veel nauwkeuriger sturen dan fotonenbundels. Radiotherapeuten kunnen bovendien bepalen op welke diepte de protonen energie moeten afgeven. Verderop in het lichaam, achter de tumor, hebben ze geen effect meer. "Het is alsof je de tumor heel nauwkeurig driedimensionaal beschildert met protonen", aldus Langendijk. "En dat heeft veel voordelen."

Organen gespaard​​​

Hoe minder straling gezond weefsel te verduren krijgt, hoe kleiner de kans op schade, bijwerkingen en complicaties van de behandeling. Belangrijke organen die gespaard moeten blijven, zijn het hart en de longen. Daarom wordt de nieuwe protonentherapie in eerste instantie vooral ingezet bij hoofdhals-, slokdarm-, long- en borstkanker.

"Dankzij de integratie van behandeling en wetenschappelijk onderzoek​​​ kunnen we goed voorspellen welke patiënten de grootste voordelen hebben van protonentherapie."​

"Na de conventionele behandeling met fotonen kunnen patiënten met hoofdhalskanker last krijgen van een extreem droge mond en problemen met slikken. Voor patiënten met kanker in de longen, slokdarm of borst stijgt de kans op longschade en hartproblemen", legt Langendijk uit. "Wanneer je patiënten met protonen behandelt, daalt de kans op deze bijwerkingen aanzienlijk."

De voordelen van protonentherapie zijn niet voor iedereen hetzelfde. Daarom worden patiënten zorgvuldig geselecteerd op basis van voorspellende modellen. "Wereldwijd neemt de aandacht voor deze benadering toe. Nederland is een absolute pionier op dit gebied. Dankzij de integratie van behandeling en wetenschappelijk onderzoek kunnen we goed voorspellen welke patiënten de grootste voordelen hebben van protonentherapie."

De minister van VWS heeft een vergunning afgegeven voor de behandeling van maximaal 2.200 patiënten per jaar voor deze nieuwe behandeling. Zo'n 600 daarvan worden vanaf 2017 behandeld in het UMC Groningen Cancer Center in een compleet nieuwe faciliteit. Andere patiënten gaan naar centra in Delft, Amsterdam en Maastricht.​​

Snelle opkomst

De opkomst van protonentherapie is te danken aan de snelle technologische ontwikkelingen. Protonentherapie bestaat al vijftig jaar, maar de laatste jaren neemt het een vlucht dankzij nieuwe technieken om de bundels te sturen. Dat vraagt wel iets van de wetenschappers die de therapie gaan onderzoeken, zegt Langendijk: "Grootschalig onderzoek naar een nieuwe behandeling omvat nu honderden, soms duizenden patiënten van tientallen instituten. Gemiddeld kost het meer dan tien jaar voordat de resultaten bekend zijn. Dat moet nu binnen vijf jaar, anders zijn de onderzoeksresultaten gebaseerd op achterhaalde technologie."

De vier centra die protonentherapie gaan aanbieden, doen gezamenlijk onderzoek naar de effecten. Alle patiënten worden opgenomen in een prospectieve database. Hierin worden behalve persoonlijke gegevens ook de kwaliteit van leven, de overlevingskans en de klachten van complicaties meegenomen. Daarnaast onderzoeken wetenschappers hoe de behandeling met protonen verder geoptimaliseerd kan worden. Want de belofte van protonentherapie reikt verder dan alleen het beperken van bijwerkingen.

Met de precieze protonenbundels wordt het waarschijnlijk mogelijk om een hogere dosis straling toe te dienen. Meer straling betekent minder behandelmomenten. Dat brengt de kans op complicaties nog verder terug, is kostenefficiënter én prettiger voor de patiënt, omdat die minder vaak heen en weer hoeft te reizen naar het ziekenhuis.

​Langendijk heeft hoge verwachtingen van de nieuwe behandelmethode: "Nu is het nog erg kostbaar, vanwege de apparatuur. Maar als onderzoek onze verwachtingen bevestigt en de kosten worden verder teruggebracht, dan neemt protonentherapie in de komende decennia een grote vlucht."​

Bekijk hier de pagina In Beeld van Dagblad van het Noorden over protonentherapie: Kerndeeltjes_tegen_kanker.pdf

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.