Voorop in de strijd tegen COPD

, door Diane Romashuk
foto: Henk Veenstra

​​De chronische longziekte COPD is wereldwijd doodsoorzaak nummer vier. Longarts Dirk-Jan Slebos en zijn collega's in het UMCG trekken de internationale kar in onderzoek naar een nieuwe behandeling voor mensen met ernstig COPD.

Stukjes kipfilet en varkensvlees. Daarop werden een paar jaar geleden de eerste tests gedaan voor de nieuwe behandeling waarbij de zenuwbanen in de longen worden uitgeschakeld die zorgen voor een vernauwing van de luchtwegen bij COPD. Inmiddels hebben ook de eerste patiënten de ingreep veilig ondergaan. 

Het belangrijkste is dat pati​​​​ënten stoppen ​met roken en hun conditie op peil houden​

Er valt nog veel te winnen in de strijd tegen deze ziekte. De vernauwing van de luchtwegen zorgt voor ernstige kortademigheid. "Dit komt doordat de  luchtwegen zijn aangetast of doordat de rek uit de longen is door longemfyseem", zegt Slebos. "Hierdoor zijn mensen snel moe. Als het echt erg is, raken ze buiten adem van vrijwel elke inspanning. Dan is je veters strikken al te veel. Patiënten met COPD zijn ook vatbaarder voor bronchitis en andere luchtweginfecties."

Roken speelt vaak een rol

Zo'n 400.000 mensen in ons land hebben deze chronische longziekte. "Een ​​ op de twintig Nederlanders overlijdt aan de gevolgen ervan." Meestal speelt roken een rol, ook is bekend dat de ziekte vaker bij vrouwen voorkomt. Maar er zijn ook nog veel vraagtekens. Slebos: "Hoe het precies ontstaat en bij wie weten we bijvoorbeeld niet."

Genezen is niet mogelijk. "Je kunt alleen de klachten bestrijden. Het belangrijkste is dat patiënten stoppen met roken en hun conditie op peil houden. Daarnaast zijn er zo'n veertig soorten inhalatiemedicijnen, ontstekingsremmers en medicijnen die de luchtwegen wijder maken."

Ze werken op zich goed maar je moet ze vaak innemen. "En je moet ze goed inhaleren, anders werken ze niet overal." Bij ernstiger COPD is het effect minder. "Dan gaat het ook meer draaien om acceptatie."

Geen nieuw idee

Om daar iets aan te veranderen werken Slebos en zijn collega's hard aan het ontwikkelen van nieuwe en betere behandelmethodes. Internationaal lopen ze daarin voorop. Samen met onderzoekers uit Kaapstad was het UMCG in 2012 het eerste ziekenhuis dat de nieuwe methode, Targeted Lung Denervation, uitvoerde bij mensen.

"Het idee hierachter is niet nieuw", vertelt Slebos. "In de jaren vijftig werden bij patiënten met ernstige COPD al parasympatische zenuwen doorgesneden. Die produceren acetylcholine, een stof die bij de longaandoening voor slijmproductie zorgt en maakt dat de spiertjes rond de luchtwegen samentrekken en verkrampen. Alleen bij het doorsnijden van de zenuwen in de hals worden meer organen uitgeschakeld dan de long alleen. Daarom is men hier weer mee gestopt."

Tot een paar jaar geleden een Amerikaanse longarts het idee opperde om dan te proberen alleen de zenuwen die dicht op de luchtwegen van beide longen zitten uit te schakelen. "Dat zijn we in het UMCG gaan doen met een bronchoscoop, een dun slangetje waarmee een ballon met koude vloeistof in de luchtweg wordt aangebracht. Door met stroom de wand van de luchtweg juist te verwarmen, gaan de omliggende zenuwbanen dood en worden ze definitief uitgeschakeld."

Testen op stukjes vlees

Om te zien of de methode veilig was werd eerst getest op de stukjes vlees. Zo'n 2,5 jaar geleden deden de eerste 22 patiënten met ernstig COPD aan het onderzoek mee die nog een jaar lang zijn gevolgd. "De behandeling bleek uitvoerbaar en veilig en een aantal patiënten voelde zich toen nog steeds beter dan ervoor. De methode gaf bij niemand nare bijwerkingen, alleen ging het maar om een klein aantal patiënten en ze wisten allemaal wat er was gebeurd, dat kan ook invloed op de resultaten hebben."

Daarom wordt het onderzoek nu met een grotere groep voortgezet, in twee fases. De eerste is in oktober gestart. Daarbij worden twee verschillende stroomsterktes tijdens de behandeling getest om te zien welke het meest veilig is en de beste resultaten geeft.

Streven naar een betere kwaliteit van leven

Bij de tweede fase, die komende zomer begint, wordt geloot wie een echte en wie een 'nep-behandeling' (placebo) krijgt. Een half jaar lang blijft Slebos de enige die weet bij welke patiënten de stroom wel en niet is aangezet en hij ziet ze ook zelf pas na een half jaar voor het eerst weer terug. Intussen worden de patiënten gevolgd door onderzoekers die ook niet weten of er daadwerkelijk een behandeling is uitgevoerd. "Dat moet lang genoeg zijn om te weten welke resultaten echt zijn en wat blijheid is. In totaal moeten negentig mensen in vijftien ziekenhuizen in Europa mee gaan doen. In 2016 denken we de eerste resultaten van het hele onderzoek te hebben."

De verwachting en het doel is dat Targeted Lung Denervation de longfunctie voor langere tijd verbetert en een betere kwaliteit van leven geeft. Hetzelfde effect als de medicijnen maar dan met een behandeling die in een middag kan. Slebos: "Voor mensen met ernstig COPD zijn de behandelmogelijkheden nu nog beperkt. We krijgen dan ook zeer veel patiënten doorverwezen vanuit heel Nederland en ver daarbuiten, omdat we ze met deze behandeling en onze overige onderzoeken wellicht wel iets kunnen bieden. De motivatie bij patiënten om mee te werken aan het onderzoek is groot, vaak ook in het belang van anderen. Dat is mooi om te zien."

Dirk-Jan Slebos is longarts in het UMCG en heeft zich gespecialiseerd in COPD en interventie-bronchoscopie. Hij deed zijn opleiding tot longarts in Maastricht en Groningen en promoveerde in 2003 aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 2011 kreeg Slebos een subsidie van 200.000 euro van ZonMw voor onderzoek om de kwaliteit van leven van patiënten met ernstige COPD te verbeteren. Slebos ontving in 2015 de Zorgprofessional van het Jaar-prijs van het UMCG.​

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.