“We kijken: wat gebeurt er in de hersenen?”

, door Helma Erkelens
foto: Henk Veenstra

Betere behandelingen vinden, zodat mensen met een psychiatrische aandoening na een paar maanden weer volop kunnen deelnemen aan de maatschappij en zich weer goed voelen. Dat is de drijfveer van André Aleman, hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie, schrijver van de populair wetenschappelijke boeken Hersenspinsels en Het seniorenbrein en kersvers lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Op 8 juni wordt hij geïnstalleerd als lid van dit genootschap van excellente Nederlandse wetenschappers.

Aleman en zijn team doen onderzoek naar nieuwe behandelingen, maar vooral ook fundamenteel hersenonderzoek. “Onderzoek waarvan je weet: dat gaat op korte termijn niets opleveren voor de patiënten. Maar noodzakelijk om de werking van de hersenen beter te begrijpen. Pas dan kun je nieuwe behandelingen ontwikkelen.” Zijn thema’s zijn schizofrenie, depressie, veroudering en zelfmoord.

Rode draad

Aleman was al jong geïnteresseerd in psychologie. “Tijdens de lessen Nederlands op de middelbare school in Kampen kwam Freud nogal eens voorbij. Zo raakte ik geïnteresseerd in het psychologisch functioneren. Hoe kan dat gestoord zijn? En hoe kun je mensen helpen?” Die twee vragen zijn de rode draad in Aleman’s onderzoek.

Eyeopeners

Het vak functieleer vormde in het eerste jaar psychologie een eyeopener. “Daar gaat het om hoe het brein alles aanstuurt. Bijvoorbeeld als je een bekertje vastpakt: wat gebeurt er dan in de hersenen? Heel biologisch. Wat heeft dat nou met psychologie te maken, dacht ik, maar het boeide me enorm. Ik ging me verdiepen in de neuropsychologie, onderzoekjes doen.”

Later, tijdens zijn stage in het psychiatrisch ziekenhuis in Ermelo zag Aleman dat er voor veel aandoeningen geen goede behandelingen zijn. “En dat is nog steeds zo. Als je kijkt wat er uit klinische onderzoeken komt, dan zie je bij depressie bijvoorbeeld dat zowel pillen als praten bij veel mensen maar weinig verbetering geven.”

Emoties

Afwijkende hersenprocessen staan vanaf dag 1 centraal in zijn onderzoek. Daar ligt de sleutel voor betere behandelingen, vermoedt hij. Hij brengt waarnemingen en emoties in het brein in kaart, bij gezonde mensen en mensen met een psychische aandoening. Hij kreeg en krijgt er grote onderzoekssubsidies voor.

Zijn promotie ging over hallucinaties, een soort waarnemingsstoornis die je vaak ziet bij schizofrenie. “Als dit in de basis een gehoorprobleem zou zijn, zouden patiënten bijvoorbeeld ook het zes uur-journaal kunnen horen of een andere neutrale tekst. Maar ze horen altijd iets wat emotioneel van toepassing is op hun eigen levensgeschiedenis. En bijna altijd gaat het om heftige, nare dingen. Zo legde ik het verband met emoties.” Het onderzoek kreeg internationale bekendheid.

Daarna focuste hij op apathie, het – ogenschijnlijk – ontbreken van emoties, wat bij schizofrenie en depressie maar ook bij dementie voorkomt. “Waarom krijgt iemand de machine niet aan de gang? Bij sommige mensen lijkt het of ze de beloningswaarde niet zien. Waarom zou je uit bed komen als iets geen nut of plezier geeft? Anderen zien het nut wel maar kunnen niet in beweging komen. Dat zijn verschillende fasen in het proces in de hersenen. Voor beide vormen van apathie zijn verschillende behandelingen, dus het is belangrijk om dat te weten.”

Zelfmoord

In zijn meest recente onderzoek richt Aleman de blik op zelfmoord – suïcide in vaktaal. Ook hier vermoedt hij een verstoorde emotieregulatie. “Twintig tot veertig procent van de patiënten met schizofrenie en depressie doet serieuze pogingen en vijf tot tien procent volbrengt het – voor iedereen een nachtmerrie.

“Gek genoeg wordt er nog niet zoveel onderzoek naar gedaan, maar inmiddels heeft ZonMW hier drie miljoen euro voor uitgetrokken en meerdere centra doen mee. In Groningen willen we weten wat er gebeurt in de hersenen waardoor iemand die stap zet. Niet iedereen met ernstige tegenslag en frustraties wordt suïcidaal. Wat maakt het verschil? We denken dat degenen die niet suïcidaal worden flexibeler zijn in hun denken: het is nu rot maar het kan alleen maar beter worden. Dus gaan we kijken: wat gebeurt er in de hersenen?”

Focus op de hersenfunctie

Aleman’s onderzoek laat zien dat de oude functieleer waarschijnlijk betere handvatten voor effectieve behandeling biedt dan de traditionele indeling van de psychiatrie in aandoeningen. “ADHD, autisme, schizofrenie en depressie bestaan uit een heleboel verschillende symptomen die bij iedere patiënt weer in andere combinaties voorkomen. Patiënten hebben bovendien lang niet altijd alle symptomen. Schizofreniepatiënten hebben ook symptomen van een depressie. En mensen die depressief zijn, hebben ook symptomen van angststoornissen. Etcetera.

“Het is dus nogal wat overlap. En wat behandel je dan? Beter kun je de functies van het brein identificeren, zien waar de verstoringen plaatsvinden en dan vervolgens kijken wat je daar specifiek aan kunt doen. Niet meer alleen de biologische functies, maar ook de psychische. “De DSM (het internationale diagnostisch handboek voor psychische aandoeningen, red.) komt er dan heel anders uit te zien.”

Gekozen worden tot lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen is een eerbetoon voor een wetenschappelijke carrière. De KNAW is van oudsher een genootschap van excellente Nederlandse wetenschappers. Elk jaar kiest het genootschap nieuwe leden op basis van hoogwaardige wetenschappelijke prestaties. Een lidmaatschap is voor het leven.
Aleman is het vierde Akademie-lid van het UMCG. Hij verkeert in het gezelschap van hoogleraar humane genetica Cisca Wijmenga, hoogleraar medische oncologie Liesbeth de Vries en hoogleraar neurowetenschappen en decaan in het UMCG Marian Joëls. Ook emeritus-hoogleraar longziekten Dirkje Postma is Akademielid.

Pagina delen Sluiten
 (optioneel)
Wat betekent dit?

Dit is een controle om vast te stellen dat u een menselijke bezoeker van deze pagina bent en geen zoekrobot.